Monstername

Monstername: het hoe, wat en waarom

Het nemen van monsters is een heel belangrijk onderdeel van ons proces. Voor elke soort monstername werken we volgens een protocol welke is opgesteld met oog voor kwaliteit, uniformiteit en hygiëne.


Monstername ruwvoer

Een betrouwbare kuiluitslag begint bij een goede monstername. Daarom hebben we onze monsternemers goed opgeleid en getraind in het steken van representatieve monsters. Ook de hulpmiddelen die zij gebruiken zijn up-to-date en dragen bij aan extra nauwkeurigheid. Een goed voorbeeld daarvan is dat onze monsternemers altijd gebruik maken van een elektrische boor en niet handmatig een guts in de kuil slaan. Samen met het gebruik van een app waarmee ze de opdracht digitaal naar het lab kunnen sturen worden automatisch de juiste opdrachten aan een monster gekoppeld. Door het standaardiseren van de monstername en opdrachtverzending, worden extra variabelen uitgesloten die effect kunnen hebben op het eindresultaat: de kuilanalyse.

Bij monsters die moeten voldoen aan de bedrijfsspecifieke excretie (Bex) is het verplicht om het volume van een partij te bepalen. De afmetingen van een partij gecombineerd met aantallen (bij balen) of opslagmethode met wel of geen afdekking bij kuilen geven een totaal volume. Dat samen met de Fosfor en RE (stikstof) bepaling die voor deze kuilen standaard worden uitgevoerd geeft een totaal plaatje gegevens voor de Bex. Deze kunnen weer worden gebruikt in de mineralenboekhouding.

                                          

Monstername grond

Ook een betrouwbare grondanalyse begint bij een goede monstername. Voor het nemen van een monster van grasland kiezen we een boor met een bemonsteringsdiepte tot 10 centimeter, voor bouwland een bemonsteringsdiepte tot 25 centimeter. De boor moet schoon zijn bij aanvang en bij het bemonsteren vermijden we de zichtbare meststofresten. Om de analyse niet te beïnvloeden is het van belang dat het minimaal 2 maanden geleden is dat er kalk is gestrooid.

Verder is de methode van belang. Bij percelen tot maximaal 5 hectare groot gebruiken we de W methode, vanaf 1 januari 2021 mag deze methode ook worden toegepast voor de klasse arm. Percelen groter dan 5 hectare moeten gestratificeerd bemonsterd worden. Hierbij gebruikt onze monsternemer een app waarin een rekenmodule zit die het betreffende perceel vervolgens compleet willekeurig onderverdeeld in blokken (stratificatie). Het aantal blokken is gelijk aan het aantal bemonsteringspunten. Naarmate het perceel groter wordt nemen het aantal bemonsteringspunten toe. Dit alles kan tot maximaal 20 hectare. Is een perceel groter dan moet het in kleinere blokken worden verdeeld om per analyse onder de 20 hectare te blijven.

Ook hier geldt dat door juiste vastlegging van gegevens middels een app en geautomatiseerde gegevensverzending naar het laboratorium zoveel mogelijk variabelen worden uitgesloten die effect kunnen hebben op het eindresultaat: de grondanalyse.


Monstername mest:

Zoals te lezen is op de pagina mest, is het sinds 1 oktober 2017 in Nederland verplicht om van de mestcode 13 (koek na mestscheiding rundvee) en mestcode 43 (koek na mestscheiding varkens) of een mengsel waarin deze mestcode(s) voorkomt een monster te laten nemen door een onafhankelijke monsternemende organisatie (OMO). De wetgeving hieromtrent is vastgelegd in de AP06.

Hoe gaat de monstername in zijn werk: Op het afgesproken tijdstip meldt onze monsternemer zich op de locatie waar de mest geladen of gelost gaat worden. Er zijn in dit geval 3 soorten monsternames mogelijk: Monstername tijdens laden, monstername na lossen of monstername kort na laden of kort voor lossen (bordesbemonstering).

Bij monstername tijdens laden nemen we met een schepje, kleine monsters mest uit de bak van het apparaat waarmee geladen wordt. Monstername na lossen of vanaf bordes gebeurt met een Edelmanboor. Bij elk soort monstername volgt de monsternemer ons protocol welke gericht is op correcte monstername, veiligheid en hygiëne. Na beëindiging van de monstername wordt het complete monster goed gemengd en gekwartierd totdat er een laboratoriummonster van tussen de 500 en 800 gram overblijft. Dit monster wordt gekoeld bewaard totdat het op het laboratorium in behandeling wordt genomen.

Monstername water:

Monstername bij de bron begint bij het controleren van de kraan. Deze hoort schoon en droog te zijn. Allereerst laten we de kraan ongeveer 3 minuten doorlopen. Daarna nemen we een monster in een steriele pot. Door wegwerphandschoenen te gebruiken zorgen we ervoor dat er geen besmetting vanaf onze handen op de pot of in het water kan komen.

Als we een monster uit een drinkbak nemen dan vullen we het potje met water op ongeveer 5 cm onder de wateroppervlakte. Monstername uit de nippel gebeurt door met de binnenkant van het potje de nippel in te drukken en zo de pot te vullen. Daardoor voorkomen we dat er kruisbesmetting vanaf onze handen in het monster kan komen.

Na monstername worden de monsters van een etiket voorzien met daarop naam van de klant, monstername punt, datum, tijd en gewenst pakket. Monsters worden door de monsternemer gekoeld opgeslagen en binnen 24 uur afgeleverd en in behandeling genomen op het laboratorium.


Op zoek naar een ander onderzoek?

Staat het onderzoek dat u wilt er niet bij? Neem dan contact met ons op. Over het algemeen kunnen wij alle onderzoeken verzorgen.

Neem contact op